transparencia:cadas:abelfedcadapub:advies-2010-55:start
Table des matières
Cadas > Cada fédérale > Publicité de l'administration > Avis
Advies 55
Over de weigering om toegang te verlenen tot informatie over het gebruik van derden van materiaal van een beschermd aardappelras
Date: 18/10/2010
- Copie locale: advies-2010-55.pdf
Transposition
Commissie voor de toegang tot en het
hergebruik van bestuursdocumenten
Afdeling openbaarheid van bestuur
18 oktober 2010
ADVIES 2010-55
over de weigering om toegang te verlenen tot
informatie over het gebruik van derden van materiaal
van een beschermd aardappelras
(CTB/2010/51)
2
1. Een overzicht
Bij fax en aangetekende brief van 20 juli 2010 vroegen de heren
Christophe Ronse en Philippe de Jong namens hun cliënten AGRICO UA
en LANDMÄNNEN SW SEED B.V. aan het Federaal Agentschap voor de
Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) om toegang tot volgende
informatie inzake het gebruik door derden van materiaal van het
beschermde aardappelras FONTANE:
(a) de namen van alle landbouwers of landbouwondernemingen
waarvan het FAVV weet dat zij dit ras gebruiken, hun huisadres
en/of het adres van hun bedrijf;
(b) het feit of deze personen het oogstproduct van dit ras voor
aanplanting op hun bedrijf gebruiken of hebben gebruikt;
(c) de hoeveelheid oogstproduct van dit ras die deze personen
hebben gebruikt gedurende het huidige verkoopseizoen, alsook
de drie voorafgaande seizoenen;
(d) de naam en het adres van de persoon of personen die voor
voormelde personen (landbouwers of landbouwondernemingen)
een dienst, bestaande in de verwerking van het betrokken
oogstproduct voor aanplanting, heeft of hebben verricht;
(e) de gebruikte hoeveelheid in licentie geproduceerd teeltmateriaal
van dit ras, alsmede de naam en het adres van de leverancier of
leveranciers daarvan; en
(f) indien bekend, het feit of deze personen reeds zonder betaling
van een vergoeding het betrokken ras hebben vermeerderd en, zo
ja, vanaf wanneer.
Bij brief van 5 augustus 2010 weigerde de FAVV de toegang te
verstrekken op grond van argumenten die verband hielden met het
specifiek recht van toegang voor houders van een communautair
kwekersrecht op grond van Verordening 2100/94 van de Raad van 27 juli
1994 inzake het communautaire kwekersrecht.
Bij e-mail en aangetekende brief van 13 augustus 2010 verzetten de
heren Ronse en de Jong zich tegen het standpunt van het FAVV.
Hierop reageerde het FAVV in een brief van 2 september 2010 en voert
in bijkomende orde artikel 6, § 1, 7° van de wet van 11 april 1994
betreffende de openbaarheid van bestuur in om de openbaarmaking te
weigeren.
3
Bij e-mail en aangetekende brief van 1 oktober 2010 verzetten de heren
Ronse en de Jong zich opnieuw tegen het standpunt van het FAVV en
richten diezelfde dag ook bij e-mail en aangetekende brief een verzoek
om advies aan de Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van
bestuursdocumenten, afdeling openbaarheid van bestuur, hierna
Commissie genoemd.
2. De ontvankelijkheid van de adviesaanvraag
De Commissie is van mening dat de aanvraag niet ontvankelijk is. Artikel
8, § 2 van de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van
bestuur schrijft immers voor dat als de aanvrager moeilijkheden
ondervindt om de raadpleging te verkrijgen op grond van deze wet, hij
een verzoek tot heroverweging kan richten tot de betrokken federale
administratieve overheid. Terzelfder tijd moet hij de Commissie
verzoeken om een advies uit te brengen. Aan het verzoek tot
heroverweging zijn door de wet geen specifieke vereisten gesteld. Zo
moet niet worden vermeld dat het gaat om een verzoek tot
heroverweging. Het behoort tot de vaste adviespraktijk van de
Commissie dat elke reactie op een expliciete weigering of een impliciete
weigering op een verzoek om toegang op grond van de wet van 11 april
1994 als een verzoek tot heroverweging moet worden beschouwd.
De Commissie stelt vast dat de brief en e-mail van 13 augustus 2010 als
een verzoek tot heroverweging moet worden beschouwd. Er werd echter
op dat moment geen verzoek om advies aan de Commissie gericht. Bij e-
mail en aangetekende brief van 1 oktober 2010 werd weliswaar een
nieuw verzoek tot heroverweging ingediend dat tegelijkertijd met een
verzoek om advies aan de Commissie werd gericht. Dit gebeurde echter
buiten de termijn van 45 dagen, termijn waarbinnen een beslissing dient
te worden genomen over het verzoek tot heroverweging.
Bovendien heeft het FAVV een beslissing genomen over het verzoek tot
heroverweging op 2 september 2010. Eenmaal een beslissing is genomen
over het verzoek tot heroverweging is de Commissie niet langer bevoegd.
4
Om die redenen is de Commissie van mening dat zij niet kan ingaan op
het verzoek om een advies uit te brengen.
Brussel, 18 oktober 2010.
F. SCHRAM J. BAERT
secretaris voorzitter
transparencia/cadas/abelfedcadapub/advies-2010-55/start.txt · Dernière modification : de 127.0.0.1
